Thermische zonne-energie - Vitosol 200T SP2

De kwaliteit van de zonnecollector

Collectorkwaliteit snel bepalen

Het is niet altijd even makkelijk om de verschillende types en merken van collectoren te vergelijken en de juiste keuze te maken. De zonnecollector wordt namelijk gekenmerkt door meerdere technische eigenschappen waarvan het optisch rendement en de verliescoëfficiënten a1 en a2 de belangrijkste zijn.
Het optisch rendement stemt overeen met de doeltreffendheid waarmee de zonnecollector zonne-energie omzet in effectieve warmte. Zo betekent een optisch rendement van 80% dat 80% van de zonne-energie die op de collector invalt ook daadwerkelijk in warmte wordt omgezet. In dit rendement zijn volgende onderdelen reeds verrekend: de lichtdoorlaat van de glazen plaat van de collector en de omzettingsfactor van de absorber (de donkere plaat in de zonnecollector). Des te hoger het optisch rendement, des te meer zonne-energie in effectieve warmte wordt omgezet. De verliescoëfficiënten a1 en a2, respectievelijk voor de convectie- en de stralingsverliezen, vertellen hoe goed (of hoe slecht) de zonnecollector geïsoleerd is. De waarden van die coëfficiënten moeten dus zo klein mogelijk zijn. Des te lager a1 en a2 des te beter de zonnecollector de omgezette warmte vasthoud en dus des te meer omgezette zonne-energie nuttig overblijft om in de boiler te worden gestoken om het water op te warmen.
Optisch rendement en verliescoëfficiënten zijn termen die voor de meeste onder ons niet veelzeggend zijn. Daarom dit trucje om de verschillende zonnecollectoren eenvoudig met elkaar te kunnen vergelijken. Hoe meer zonne-energie door de collector wordt omgezet (optisch rendement) en hoe minder die warmte verloren wordt aan de buitenlucht (lage verliescoëfficiënten) des te warmer de zonnecollector kan worden. Zouden wij een zonnecollector in de zomer in onze tuin leggen zonder hem aan te sluiten en te gebruiken dan zou de collector zodanig opwarmen tot hij een temperatuur bereikt waarop de omgezette zonne-energie nog enkel dient om de zonnecollector op temperatuur te houden. Deze temperatuur noemt men de “maximale stilstandtemperatuur” en wordt uitgedrukt in graden Celsius. En dat is een waarde die ieder van ons gemakkelijk kan hanteren.
Om zonnecollectoren dus in één oogopslag met elkaar te vergelijken volstaat het om bij de fabrikant de technische gegevens op te vragen en de “maximale stilstandtemperatuur” af te lezen. Hoe hoger deze waarde is des te beter scoort de zonnecollector in het omzetten van de zonne-energie en deze vast te houden met een zo hoog mogelijke opbrengst. Om eerlijk te zijn moeten wij natuurlijk zonnecollectoren van hetzelfde type vergelijken: vlakkeplaat collectoren met vlakke-plaat collectoren en vacuümbuizen met vacuümbuizen.

Collectorkwaliteit en opbrengst bepalen met solar keymark

Een gedetailleerder manier is om te vergelijken aan de hand van alle specificaties van de zonnecollector. Solarkeymark test en beheert deze gegevens, de zogenaamde solarkeymark certificaten. Klik hier om on-line een vergelijking uit te voeren. Voor enkele zonnecollectoren worden de gegevens automatisch ingevoerd door op de betreffende grijze knop te klikken.
Men kan dan gelijk aflezen wat de collector opbrengt per jaar zal zijn. Standaard staat de zoninstraling op de collector ingesteld op 4GJ per vierkante meter per jaar. Maar men kan deze waarde desgewenst aanpassen aan de waarde voor de regio waar men de collector wil plaatsen. Deze gegevens worden door het KNMI op verschillende meetstations geregistreerd en via hun internetsite als uurgegeven of als langjarig gemiddelde verstrekt.

formule opbrengst