Onderhoud en inspectie aan zonnecollectoren

1. Reinigen van het glasoppervlak, indien nodigreinigen zonnecollector
2. Controleren van het solar medium, en indien dit niet correct is:
2.1 Controleren hydraulisch systeem
3. Controleren van de jaaropbrengst, en indien dit niet correct is:
4. Controleren van de totale veldflow
5. Controleren van de regeling
6. Controleren voordruk expansievat
7. Controleren/ontluchten/bijvullen van het systeem.

 

Regelmatige controle zorgt voor een betrouwbare zonnecollector
De meeste thermische zonnecollectoren zijn voorzien van een glycolmengsel (bijvoorbeeld tyfocor), om zo ook in de winterperiode zonne-energie te kunnen oogsten. Glycol is een organisch product en is derhalve onderhevig aan een natuurlijk verouderingsproces. Temperaturen hoger dan 170 °C en zuurstof versnellen het ouderdomsproces. Het glycol oxideert en degradeert langzaam. Er ontstaan verschillende zuren, waaronder azijnzuur waardoor de pH-waarde daalt. Tegelijkertijd stijgt de anti-vries temperatuur. Wij adviseren om jaarlijks het solarmedium te controleren.

Controle op pH-waarde (zuurgraad)
Met pH-strookjes kan eenvoudig de zuurgraad vastgesteld worden. Is de pH-waarde kleiner dan 7,5 dan dient nieuwe pH-strookjestyfocor bijgevuld te worden.
Laat men dit na dan kan het zure tyfocor de metalen delen oplossen

Controle op anti-vries temperatuur
Met een refractometer kan men controleren bij welke temperatuur het medium bevriest. De brekingindex is hier een maat voor.
Laat men dit na dan kan in de winter het tyfocor bevriezen en de zonneinstallatie kapot vriezen.

In de handel zijn de zogenaamde solartestkoffers te koop. Hier zit alle benodigde apparatuur in waarmee men een zonnesysteem kan controleren. Men kan ook zelf eenvoudig een dergelijke koffer samenstellen.

 

Controleren van de regeling

Hier kan men controleren of de draaiuren van de pomp ongeveer overeenkomen met het jaargemiddelde. Tevens dient men de temperatuur in het vat en de collectortemperatuur te controleren. Uit de collectortemperatuur kan men afleiden of de collector in stagnatie is geweest, en als de regeling het toelaat dit over een langere tijdsperiode uit te lezen. Bij veelvuldige stagnatie is er iets niet in orde. Vooral bij collectoren bij nauwe buisjes dient men dan te controleren of deze buisjes niet dicht gaan teren.